donderdag 15 augustus 2013

Niet lullen, maar poetsen!

Magazine Sax, 29 maart 2006
Niet lullen, maar poetsen!


De archeoloog die in het jaar 3500 de vierkante meter in Den Haag om moet spitten moet van goede huize komen.

Door Steven de Jong

Een voor de hand liggende conclusie zou zijn: 'In Den Haag leefde de meest vooruitstrevende stam van het Westelijk halfrond die tot het uiterste ging om burgers te betrekken in de ontwikkeling van haar imperium'. Wanneer hij oostwaarts verder graaft, moet hij dat ietwat bijstellen: 'Daar achter de duinen bivakkeerde een autistisch volkje, welke in de veronderstelling leefde de drijvende kracht achter de samenleving te zijn.'

Welke conclusie het dichtst bij de waarheid komt laat ik aan u over. Interessanter is de vraag waarom het kliekje achter de duinen het de archeoloog anno 3500 zo moeilijk maakt. Dat ligt, zo voorspel ik, aan twee woorden: innovatie en participatie. Termen die dan nog moeilijker te ontcijferen zijn als destijds de hiërogliefen van de Egyptenaren.

Nederlandse beleidsmakers scheppen namelijk het beeld dat alles wat zij bedenken innovatie is. Er is zelfs een platform dat zich ernaar vernoemd heeft, met JP als voorzitter. Wat ze doet? Al sla je me dood. Wat moet ik me voorstellen bij 'Project Sociale Innovatie 2006'? Dat we elkaar in plaats van een hand, voortaan een voet gaan geven? Nee, niets van dat. Het houdt in, zo zeggen ze zelf; "flexibel organiseren, dynamisch managen en slimmer werken". Nee, daar wordt je wijzer van.

Vorige week lanceerde een jongerenbeweging, genaamd LuxVoor, zichzelf met de publicatie ‘Verenigd in Vooruitgang’. Prachtig stuk, bijna literair, maar ik heb er weinig van begrepen. Ik werd verblind door een leuzensaus van ‘ontplooiing’, ‘binding’, ’participatie’, ‘flexibel’ en meer van die hippe kreten waarvan de lezer in extase moet raken. “Kernwoord is dynamiek”, voegden ze er nog aan toe. Maar natuurlijk!

LuxVoor deelt naar eigen zeggen “een vurig geloof in vooruitgang”. En, om het een beetje gewichtig te brengen, citeerde de club een groot leider. In dit geval John F. Kennedy: “Sommige mensen zien de dingen zoals ze zijn, en vragen: waarom? Ik droom van dingen die niet bestaan, en vraag: waarom niet?” Iedereen ijlt weleens, maar om mensen daar nog na hun dood mee te confronteren… Ik vind dat niet kies.

Volgend jaar krijgen we een premier die het boek ‘Dit land kan zoveel beter’ op zijn naam heeft staan. ‘Maar ik vertel lekker niet hoe!’, had de ondertitel kunnen zijn. Ik zie door de bomen het Bos niet meer.

De burger als consument

Magazine Sax, 6 maart 2006
De burger als consument


Laatst kwam ik erachter dat een goede vriend van mij CDA had gestemd. Dat was even schrikken, zoals je begrijpt. CDA, en hij schaamde zich er niet voor.

Door Steven de Jong

Toen hij begon te brabbelen over normen en waarden heb ik maar gauw een biertje uit zijn koelkast gepikt. Dat maakte het wat draaglijker.

Toch had Balkenende met dat normen- en waardendebat wel degelijk een punt. "Burgers gedragen zich als consument van de samenleving", stelde de morele autoriteit des vaderlands bij zijn aantreden. Jammer alleen dat onze geliefde leider bleef steken in gemoraliseer over fatsoen. Over plantjes die je niet uit de grond mag trekken, papiertjes die je niet op straat mag gooien en collega's die je niet mag pesten. Op dat laatste punt schijnt de moraalridder een ervaringsdeskundige te zijn, als lijdend voorwerp welteverstaan. Dus hij wist waarover hij sprak, wat niet altijd het geval is.

Maar het gedelibereer over een publiek moraal heeft niet geleid tot een heropgevoede burger. Het paradijs der beschaving blijft uit. In de tussentijd heeft de regering zelfs het consumentschap bevorderd. Overheden benaderen burgers in toenemende mate als klanten. Ze kunnen hun eigen energiemaatschappij en zorgverzekering uitkiezen en in de lokale politiek wordt de schijn gewekt dat ze zelf problemen op de agenda kunnen zetten. Voor de ontzuiling, de ontworteling van burgers uit een ideologisch kader, hebben we een zelfzuchtige burger teruggekregen.

De hoogte van de energierekening, de hypotheekrenteaftrek, zorgpremies en de afschaffing van het prepensioen. Zodra burgers het in de buidel voelen, gaan ze de barricades op. Maar voor echt wezenlijke zaken, zoals milieu en mensenrechten, vind je ze niet op het Museumplein. Simpelweg omdat er geen direct voordeel uit te behalen valt, of gewoon omdat het dan opeens een ‘ver-van-mijn-bed-show’ heet.

Wil de regering nog enig publiek moraal ontlokken, dan zou ze de volgende vraag aan de burgers voor moeten voorleggen. Moeten we u beschouwen als een consument van de BV Nederland of als aandeelhouder van een samenleving die valt of staat met de inbreng van individuen? De bewustwording die van zo’n vraag uitgaat, kan dan misschien leiden tot meer directe democratie.

Alleen vooralsnog ziet het er naar uit dat Nederlanders zich in een referendumsysteem net zo onverantwoordelijk zullen gedragen als in Californië. Daar stemmen ze voor betere wegen en tegelijkertijd voor verlaging van de wegenbelasting. Aldaar gaat het individueel belang boven het collectief belang, zelfs als de overheid erdoor failliet gaat.

Segregatie, helemaal zo gek nog niet

Politiek-digitaal.nl, 7 februari 2006
Segregatie, helemaal zo gek nog niet


Opperwezens beledigen, of zelfs maar afbeelden, schijnt anno 2006 de bom te zijn. Helaas moeten we dat nog letterlijk nemen ook. Terwijl ik dit schrijf is de moeder aller cartoon-oorlogen nog vers.

Door Steven de Jong

Zojuist is de Deense ambassade te Syrië in de hens gezet. Op internet zie ik voor het gebouw een woedende menigte, terwijl een brandweerman een lullig straaltje op de vuurzee richt.

Nog mis ook. Het is bedroevend te constateren dat vanuit de moslimwereld een cartoon meer protest oproept dan aanslagen die reli-fanaten uit naam van Allah plegen. Ik denk dan: wie drijft nou meer de spot met de islam? Terroristen of Deense cartoonisten?

Versmelting religie en individu


Sommige publicisten menen dat de moslimwereld in een identiteitscrisis verkeert. Ik geloof daar niet zo in. Volgens mij wordt de identiteit van moslims juist te sterk bepaald door hun culturele afkomst en geloof. Identiteit wordt bij moslims niet zozeer door genen of zelfontplooiing gevormd, maar door de religie en cultuur van de gemeenschap. Religie en individu worden als het ware samengesmolten. Het verklaart waarom moslims zich als collectief gekwetst voelen door de spotprenten.

Nationalisme

Het meest onverstandige antwoord op dit probleem wordt gegeven door de nationalisten en conservatieven. Zij zien vreemdelingen als ondermijnende krachten van de westerse cultuur en verwijzen daarbij naar de teloorgang van ‘geborgenheid’, de ‘eigenheid’ en zelfs ‘zuiverheid’ van de samenleving en het volk. Volgens de filosoof Dirk Verhofstadt beschouwen zij devotie, zelfopoffering, zelfverloochening en plichtsbesef tegenover de volksgemeenschap als positieve, zelfs noodzakelijke waarden. Net als islamitische regimes dringen zij de samenleving een identiteit op; een nationale identiteit. De VVD verloochent zelfs haar liberale grondslag in haar ideologische integratiepolitiek van normen en waarden.

Somalisch succes

Het is vechten tegen de bierkaai: we kunnen iemands keuze voor cultuur of religie, in hoeverre die nu uit vrije wil is of niet, niet ongestraft ontnemen. Beter is om die keuze enerzijds te respecteren en anderzijds individuen in die gemeenschappen extra te stimuleren tot zelfontplooiing van hun unieke kwaliteiten en persoonlijkheden. Dat dit succes heeft, hebben de Nederlandse, veelal islamitische, Somaliërs bewezen die de afgelopen jaren massaal emigreerden naar Engeland. Waar ze in Nederland faalden, daar slagen ze aan de andere kant van de Noordzee als ondernemende, hardwerkende burgers. Aldaar worden ze niet gemaand tot integratie, maar krijgen ze de vrijheid om als individuen binnen de groep een volwaardige sociaal-economische bijdrage te leveren. Hun aanwezigheid leidt, in tegenstelling tot Nederland, daar niet tot spanningen tussen bevolkingsgroepen.

Private en publieke provocaties

Terugkomend op de cartoon-oorlog. In wezen gaat het debat, voor zover het nog een debat te noemen is, om de vrijheid van meningsuiting versus de godsdienstvrijheid. Burka’s, en in mindere mate hoofddoekjes, worden door nogal wat autochtonen gezien als een provocatie tegen de westerse cultuur. Anderzijds wordt de integratiepolitiek nogal eens opgevat als een aanval op het geloof; zoals ik al zei, bij moslims lijken geloofsbeleving en individuele expressie met elkaar versmolten te zijn. Een strikte scheiding aanbrengen tussen de private geloofsbeleving en het ‘publieke burgerschap’ valt daarom niet zonder hevig structureel verzet op te dringen. Verzet dat zich naar goed islamitisch gebruik in het smijten van stenen uit, zoals we zagen in die zwaar middeleeuwse beelden die ons de afgelopen dagen vanuit Syrië en Libanon bereikten.

Segregeren

Misschien wordt het daarom tijd om de ideologische politiek te vervangen door pragmatische, autonome politiek. Laat die zwarte wijken maar komen, zo ook die zwarte scholen en kap eens met die inburgeringscursussen. Waarom verzetten we ons hier zo tegen segregatie? In New York voelt iedereen zich New Yorker, maar is de samenleving volledig gesegregeerd in gemeenschappen: in Italiaanse, Joodse, Chinese, Afro-Amerikaanse, Caribische en Arabische wijken. De ‘New Yorkse identiteit’ staat gelijk aan verscheidenheid, leven en laten leven.

Wanneer we streven naar een sociaal-economisch gezonde samenleving, waarin mensen zichzelf kunnen bedruipen, kunnen we het beste onze pijlen richten op de autonome ontwikkeling van soortgelijke culturele, gesloten gemeenschappen. Gemeenschappen binnen een samenleving. Wie ervoor kiest om zich te onderwerpen aan een gemeenschap en niet aan ‘de natie’, moet die ruimte geboden worden. In Engeland werkt deze aanpak (beter gezegd: non-aanpak), in New York ook, dus waarom niet in Nederland?

Weinigen zullen dan meer de behoefte of noodzaak voelen om de eigen cultuur te laten wedijveren met een andere cultuur. Laten we ons er dus maar bij neerleggen dat de skyline van Rotterdam binnen niet al te afzienbare tijd gedomineerd wordt door minaretten, dat gereformeerden zich terugtrekken op de Veluwe. Zolang ik me als verdorven westerling en ongelovige hond van geen van beiden wat hoef aan te trekken, vind ik alles best.

Wakker Dier strooit zand in raderen risicocommunicatie vogelgriep

Politiek-digitaal.nl, 6 februari 2006
Wakker Dier strooit zand in raderen risicocommunicatie vogelgriep


Er is niets verkeerds aan lobbyen of het beïnvloeden van de publieke opinie voor een diervriendelijker bestrijding van de vogelgriep. Maar de wijze waarop Marianne Thieme munt slaat uit de dreiging van een mensdodelijke pandemie is misdadig.

Door Steven de Jong

Met haar campagne 'Rem het virus, eet geen kip' strooit ze zand in de raderen van de professionele risicocommunicatie.

Thieme is directeur van de stichting Wakker Dier. Wakker Dier is in januari 2001 gefuseerd met de stichting Lekker Dier en is daarmee de grootste dierenbeschermingsorganisatie tegen de bio-industrie in Nederland geworden. Lekker Dier is destijds opgericht als protest tegen het matige verweer dat de Dierenbescherming had tegen de bio-industrie. In het geniep richtte Lekker Dier eind jaren zeventig het militante Dierenbevrijdingsfront (DBF) op.

Politieke ambities

Tegen het NRC Handelsblad verklaarde toenmalig bestuurslid Wim de Kok in 2003 dat Lekker Dier in eerste instantie werd gezien als het extreme broertje van de Dierenbescherming. “Door het DBF kregen we een middenpositie, en nam onze invloed in gesprekken met de overheid toe”, aldus De Kok. Inmiddels heeft stichting Wakker Dier ambities om zelf ‘overheid te worden’. Met de Partij voor de Dieren (PvdD), de snelst groeiende politieke organisatie op dit moment, doet Thieme in 2007 mee aan de parlementsverkiezingen.

Gekleurd lesmateriaal

Toch heeft Wakker Dier met het afschudden van haar criminele veren, haar sluwheid niet verloren. Thieme heeft sabotage en brandstichting verruild voor manipulatie en indoctrinatie.

Internet wordt daarbij gretig ingezet. Bedenkelijk is de afdeling ‘School’ op www.wakkerdier.nl. Voor docenten heeft Wakker Dier het zogenaamde docentenpakket ontwikkeld; bestaande uit een educatiefilm, een handleiding met werkbladen, voorbeeldlessen en scholierenkranten. Bedoeld voor leerlingen van groep 7 en 8 van de basisschool.

Het bijgesloten filmpje is doorspekt met anti-specisisme; de ideologie die discriminatie op grond van het behoren tot een bepaalde soort veroordeelt. Door een klaslokaal vol te proppen met kinderen, het licht uit te doen en toiletemmers te plaatsen, wordt gepoogd de jeugdige kijkers het besef bij te brengen hoe moreel verkeerd de stallen in de bio-industrie wel niet zijn.

Ook beheert de stichting de site www.dierenwerkstuk.nl. Daar worden kinderen aangemoedigd een werkstuk te maken op basis van eenzijdige, belastende informatie tegen de bio-industrie. Dat alles met als doel de kinderen te rekruteren voor de missie van Wakker Dier. Thieme verklaarde in november 2003 tegen dagblad Trouw dat ze haar werk ziet als een emancipatiestrijd. Na de bevrijding van de slaven, de arbeiders en de vrouwen is het nu tijd voor de bevrijding van de dieren, vertelde ze.

Iedereen mag natuurlijk zo zijn idealen hebben. Ook is er niets op tegen om kinderen van tien à twaalf jaar bekend te maken met extreme ideologieën in een gezonde onderwijsomgeving. Maar het gaat te ver als docenten lesmateriaal gebruiken dat door actiegroepen is vervaardigd, dat kinderen toetsen krijgen waar mensen als Thieme de vragen en antwoorden voor bedacht hebben.

Virusremmer

Als we het hebben over het brengen van gekleurde informatie in een objectief jasje, breekt de website www.virusremmer.nu alle records. Daar wordt een wel heel merkwaardige vorm van risicocommunicatie over de vogelgriep gebezigd. ‘Rem het virus, eet geen kip’, luidt de campagne die op de radio door televisiemaker Wim T. Schippers wordt gepromoot.

‘Georganiseerde misdaad’

Dat Schippers hiervoor wordt ingezet is begrijpelijk. Als oud-presentator van de Nationale Wetenschapsquiz identificeert het publiek hem met objectiviteit, terwijl de oud-Rietveld student in werkelijkheid een kunstenaar is met talent voor absurdisme, humor en het doorbreken van taboes. Ook is hij fanatiek dierenliefhebber. In mei 2004 kreeg hij van het ministerie van Landbouw de opdracht een “ironisch getinte column over duurzame landbouw” te schrijven. De opdracht liep spaak, omdat Schippers zich niet aan de opdracht had gehouden en volgens een woordvoerder in “een eenzijdige scheldkanonnade” tegen de vleesindustrie van leer was getrokken. In het stuk verweet hij de overheid “systematische marteling” en dichtte de bio-industrie de kwalificatie “grootschalige georganiseerde misdaad” toe.

Geregisseerd ongeluk

Met veel poeha hing Schippers het ‘conflict’ pseudo-verontwaardigd aan de grote klok. Wakker Dier, die in eerste instantie de vergoeding voor de column zou opstrijken, publiceerde het en liet meteen een persbericht uitgaan. Voor Marianne Thieme en Wim T. Schippers een ‘geluk’ bij een sluw geregisseerd ongeluk. Met deze geschiedenis zal het dan ook niemand verbazen dat de twee elkaar weer hebben gevonden in de campagne ‘Rem het virus, eet geen kip’, waarin Schippers het volgende verkondigt: “Als je vaker naar de groenteboer dan naar poelier of slager gaat, maak je de kans op verspreiding van vogelpest kleiner. Daarom; rem het virus, eet geen kip!”

Publieke interpretatie

Terecht heeft de Nederlandse Vakbond Pluimveehouders eind november 2005 – namens nog zes andere vleesverwerkende organisaties - via een kort geding een onmiddellijke stop van de campagne geëist, vanwege de directe relatie die Wakker Dier legt tussen het eten van kip en de vogelgriep. De president van de rechtbank van Amsterdam stelde echter Wakker Dier in het gelijk, hoewel procureur mr. A.A.H. Bruinhof wel een erg lang en omslachtig pleidooi nodig had om de misleidende campagneleus wetenschappelijk te kunnen legitimeren. In het pleidooi wordt min of meer toegegeven dat de publieke interpretatie (lees: bedoeling) van de campagneleus anders is dan de informatie waarop zij gebaseerd is. Wakker Dier mag die verwarring zaaien, zo heeft de rechter besloten.

Vrije meningsuiting

Thieme liet in een persbericht weten: “Als deze eis was toegewezen, zouden heel veel maatschappelijke organisaties een ernstig probleem hebben gekregen met het vragen van aandacht voor hun doelstellingen. (..) Het kan en mag niet zo zijn dat commerciële belangen gesteld zouden worden boven een groot goed als de vrijheid van meningsuiting. (..) Voor zover bekend is het de eerste maal ter wereld dat getracht is een maatschappelijke organisatie die een mening uitdraagt in relatie tot de vogelpestcrisis, via de rechter het zwijgen op te leggen.”

Ophokplicht


Maar is het voor de argeloze luisteraar wel zo duidelijk dat het om een mening gaat? Ik denk van niet. Wim T. Schippers misbruikt zijn ‘wetenschappelijke status’ om luisteraars te overtuigen. En Marianne Thieme verdoezelt op slinkse wijze de haar onwelvallige feiten. Het vogelgriepvirus verspreidt zich immers niet langs de machinerie van de bio-industrie, maar langs kleine dorpen waar ambachtelijke boertjes achter hun scharrelkippen aanrennen; waar trekvogels voor besmetting zorgen en mens-dier contact een rol speelt. 'Rem het virus, eet geen scharrel maar gewone kip', zou daarom een betere slogan zijn. Maar ja, dat strookt niet met de doelstelling. Wakker Dier stelt zich naar eigen zeggen namelijk "exclusief ten doel op te komen voor de belangen van de dieren in de bio-industrie". En dat rijmt niet met een verbod op scharrelen, ofwel een ophokplicht: een zaak waar Wakker Dier eerder fel tegen tekeer ging.

Kipconsumptie gedaald

Het effect van de vogelgriepangst waar Wakker Dier op inspeelt is te merken. Op 24 januari meldde Thieme op haar weblog – verwijzend naar de cijfers van de Productschappen Vee, Vlees en Eieren - dat de kipconsumptie afgelopen november met 9,3 procent is gedaald. “De grootste daling sinds de vogelpestuitbraak in 2003”, aldus de directeur van Wakker Dier.

Risicocommunicatie


Laat duidelijk zijn dat Thieme het volste recht heeft te protesteren tegen de bio-industrie. Ook staat ze met haar organisaties vrij in het aan de kaak stellen van de wrede wijze waarop kippen en eenden worden geruimd. Maar met de campagne ‘Rem het virus, eet geen kip’ verziekt ze de esthetische discussie over dierenrechten, en draagt ze bij aan de paniek die bij een dreigende crisis juist gekanaliseerd dient te worden.

Omwille van haar eigen doelstellingen, bemoeit ze zich met de wijze waarop burgers moeten omgaan met de dreigende virusuitbraak. Daarmee doorkruist ze de risicocommunicatie van de overheid. Waar instanties als het RIVM, het Expertisecentrum Risico- en Crisiscommunicatie, alsmede influenza-deskundigen als Ab Osterhaus en voorlichters van LNV en VWS zich zo zorgvuldig mogelijk uitlaten op dit vlak, daar meent Marianne Thieme zich te kunnen veroorloven de burgerbevolking op te hitsen voor dreigend onheil; waarbij ze het zelfs nog in haar hoofd haalt de pluimveesector als daders aan te wijzen.

Onverantwoordelijk

Risicocommunicatie gaat om het kanaliseren van publieke emoties, het stimuleren van zelfredzaamheid en het beteugelen van ongewenste sociale mechanismen. Dat ter voorkoming van maatschappelijke ontwrichting. Wat Marianne Thieme doet is niets anders dan het strooien van zand in die raderen; simpelweg door haar principes te verkopen als objectieve voorlichting. Of dat juridisch door de beugel kan is dan niet eens meer de vraag.

We kunnen slechts betreuren dat iemand die zich verkiesbaar stelt voor de parlementsverkiezingen, zich zo onverantwoordelijk durft te gedragen. Nog voordat het vogelgriepvirus hier voet aan de grond heeft gezet, worden we getrakteerd op het eerste crisisverschijnsel, namelijk angst: in de persoon van Marianne Thieme.

Monopoliepositie werd Fathers 4 Justice fataal

Politiek-digitaal.nl, 23 januari 2006
Monopoliepositie werd Fathers 4 Justice fataal


Eén van de meest succesvolle agendasetters van de afgelopen tijd is ongetwijfeld Fathers 4 Justice (F4J), een actiegroep van gescheiden vaders die strijdt voor eerlijke omgangsrechten met hun kinderen.

Door Steven de Jong

Ze maakten 'vaderrechten' tot een begrip door als Batman, Robin of Spiderman overheidsgebouw na overheidsgebouw te beklimmen.

De actiegroep werd een beweging op zich; een succes dat, naar nu blijkt, haar ondergang is geworden.

Naast ludieke acties, pleit F4J op serieuze toon in de media voor hervorming van het familierecht. Internet gebruiken ze om te netwerken en ter documentatie van hun publicaties. F4J verwierf internationale bekendheid, vestigde dependances in Amerika, Canada, Australië en Nederland en kon tot voor kort op een groeiend draagvlak onder de bevolking rekenen.

Hiërarchische organisatie


De actiegroep wordt geleid door onbetaalde vrijwilligers, staat als non-profit organisatie ingeschreven bij de Engelse Kamer van Koophandel en heeft haar naam als handelsnaam gedeponeerd. Wie zonder toestemming de naam F4J gebruikt om wat voor actie dan ook te doen, kan juridische stappen tegemoet zien. Ook lezen we op de internetsite dat F4J van de leden 'discipline' en 'loyaliteitsbesef' verwacht. Leden moeten zich aan de grondbeginselen van de actiegroep houden. F4J gaat er prat op een hiërarchische organisatie te zijn die wordt aangestuurd door teams van coördinators in binnen en buitenland.

Radicalisering

Tot zover het succes, tot zover het organogram, tot zover de statuten. Want Fathers 4 Justice is niet meer, althans: de Nederlandse tak van de organisatie kondigde 19 januari aan dat zij per direct haar activiteiten uitstelt en plannen voor directe actie in de kast zet. Het Engelse hoofdkwartier besloot eerder definitief te ontbinden.

In een officiële verklaring laat oprichter Matt O'Connor weten dat hij geen toekomst meer ziet in F4J, nu extremistische sympathisanten onder zijn vlag zelf acties beramen waar de coördinatoren geen grip op hebben. Hij spreekt over een groeiende groep 'militant extremists' die de naam van de actiegroep gekaapt (in zijn woorden: ‘hijacked’) hebben. De actiegroep raakte verstrikt in geruzie, sommige leden radicaliseerden. Er werden valse bombrieven naar gerechtsgebouwen gestuurd en advocaten kregen dreigmailtjes. O'Connor zag zich in het afgelopen jaar genoodzaakt dertig leden te royeren.

O'Connors definitieve besluit om de organisatie op te heffen viel nadat bekend werd dat agenten van de anti-terreureenheid van Scotland Yard een gesprek van F4J-symphatisanten hadden opgevangen in een kroeg. De gescheiden vaders zouden aan de borreltafel het idee hebben postgevat om Leo Blair, de 5-jarige zoon van de premier, te ontvoeren. Wilde plannen, die niet echt op publieke steun konden rekenen. Kidnapping van familieleden van politici is immers niets minder dan pure terreur.

Monopolie op ‘vaderrechtenbeweging’


De paradox van Fathers 4 Justice is dat het is uitgegroeid tot een brede beweging, terwijl ze pretendeerde een hiërarchische actiegroep te zijn met een bestuur en een statuut. De theorie achter de actiegroep kwam steeds verder af te staan van de praktijk. In het actiewezen is het strijden voor 'vaderrechten' ook redelijk nieuw. De introductie van het begrip 'vaderrechten' kan bijna volledig op het conto van F4J geschreven worden. In die zin is het ook niet zo vreemd dat er kleine cellen van activisten een gevestigde naam als F4J gebruiken om hun 'zaak' kracht bij te zetten.

Wat F4J de das om heeft gedaan, is dat zij pioniers zijn geweest; de vonk die heeft geleid tot een soort 'vaderrechtenbeweging' waar de actiegroep zelf het monopolie op kreeg. F4J is synoniem geworden aan 'vaderrechten', wat ertoe toe leidde dat de naam publiek bezit werd. Waar andere bewegingen - zoals de milieu- en dierenbeweging - zich kenmerken door een palet aan splintergroeperingen, daar verenigden en concentreerden de vaders zich onder de vlag van F4J.

Het ledenaantal groeide explosief, zo ook het aantal sympathisanten. Hoewel sommige leden radicaliseerden, splitsten zij zich niet af als splintergroepering met een andere naam: F4J stond gelijk aan de beweging, en andersom. Zo kon het dus gebeuren dat namens F4J valse bombrieven werden verstuurd, advocaten werden bedreigd en er een ophanden zijnde ontvoering gerelateerd werd aan de actiegroep.

Noodzakelijke heterogeniteit


Het besluit van O'Connor is daarom begrijpelijk, want wie wil zich nou identificeren met criminele acties? Het is te hopen dat de verweesde vaders die voorheen tot F4J behoorden, zich zelf gaan organiseren in talloze splinterorganisaties: in zowel gematigde als radicale groepjes. Pas dan kan er echt sprake zijn van een gezonde, heterogene beweging en kunnen organisaties afzonderlijk op hun verantwoordelijkheden aangesproken worden.

F4J is ten onder gegaan aan haar eigen succes en een gebrek aan collega-actiegroepen. Dat ligt niet aan de F4J, maar aan de nieuwigheid van het actiepunt. Over een aantal jaar zullen er hoogstwaarschijnlijk tientallen vaderrechtengroepen zijn, en kan F4J zich weer met gerust hard op het strijdtoneel begeven: als actiegroep die onderdeel is van een beweging. Een beweging waar ze zelf de fundamenten voor heeft gelegd.

Het gevaar van hokjesdenken

Regelzucht.nl, 22 januari 2006
Het gevaar van hokjesdenken


De kogel die het hoofd van Pim Fortuyn raakte kwam van links, Theo van Gogh is geslachtofferd voor de islam en rechts draagt de erfzonde van Adolf Hitler.

Door Steven de Jong

Deze elementaire percepties dienen anno 2006 als brandstof voor de motor onder de kap van het Nederlandse publiek debat.

Dit, in combinatie met een labiele volkspsyche en een onbeheerst jachtinstinct, maakt ons land tot een speeltuin voor terroristen.

Zodra een dader geïdentificeerd is als zijnde ‘lid van een groep’, keren we in een zucht naar vergelding de groep binnenste buiten, roepen wij het ter verantwoording, wijzen wij met de vinger en spreken in koor onze afschuw uit. Dat alles in een tunnelvisionair proces, want van moderne burgers mag verwacht worden dat zij hun oordeel klaar hebben voordat er ook maar één seconde over nagedacht is. Wij mogen ons gelukkig prijzen dat onze geachte volksvertegenwoordigers daar zo bedreven in zijn. Goed voorbeeld doet volgen, of niet?

Instinct

Ergens is deze benadering van radicale excessen best begrijpelijk, zélfs te legitimeren. Wie in een zak met appels één rot exemplaar aantreft, zal de andere appels aan een steviger inspectie onderwerpen. Wie door Lassie gebeten wordt, zal Pluto wantrouwen. Waar rook is, is vuur; en ga zo maar door. Een waakzaamheid waarover de homo sapiens sapiens van nature beschikt. Een instinctief kenmerk dat ons voor groter onheil moet behoeden.

Beschaving

Maar, desalniettemin, óók een reflex dat botst met de kernwaarden die een samenleving bijeen kunnen houden. Een beschaving die zou moeten bestaan bij de gratie van verdraagzaamheid en vertrouwen; uitingen waarmee je in de jungle je doodvonnis zou tekenen maar in menselijk verband juist van noodzakelijk belang zijn voor de kwaliteit van ieders leven. Zowel esthetisch als economisch. Onbevangen of zelfs naïeve tolerantie zal uitnodigen tot vredige interactie, terwijl argwaan vijandigheid oproept. Geen psycholoog die dat zal tegenspreken.

Evenwicht
Prangende vraag blijft hoe we moeten komen tot een stabiele samenleving. Op welk punt moet de balans uitslaan op de schaal tussen obsessieve waakzaamheid en onvoorwaardelijk vertrouwen? Wanneer mogen we een incident in een breder maatschappelijk verband trekken en een groep ervoor verantwoordelijk houden en wanneer moeten we een incident bijtijds blussen en het afdoen als een daad van een ontspoord individu?

Impact
Was het nodig om direct na de moord op Theo van Gogh de oorlog te verklaren aan de extremistische tak van de islam, debatten in heel het land te organiseren over de vrijheid van meningsuiting en er zowel kranten als zendtijd mee te vullen? Was de vrijheid van meningsuiting werkelijk aangetast, of praten we dat onszelf aan? Hoe kwam het dat de kleinschalige aanslag van Mohammed B. relatief veel meer impact had als de bommen in het Londense metrostelsel? Waarom reageerden Engelsen en Spanjaarden zoveel nuchterder dan de Hollanders?

Cultuur
Een verklaring daarvoor kan gezocht worden in onze cultuur. Nederlanders zijn direct, het hart ligt op de tong. Als ons iets niet aanstaat, zeggen we het ook meteen. Wikken en wegen is niet aan ons besteed, onderbuikgevoelens maken we als het even kan meteen publiek. Die dienen het polderen, het debat; hoe feller hoe beter. Hoe polariserender, hoe hoger de kijkcijfers. Onderbuik gaat boven verstand, want hoe kon het anders dat de Groep Wilders in nog geen drie weken na de moord tot tweede partij van Nederland uitgroeide? En daarna weer als een plumpudding in elkaar zakte?

Binding
Het lijkt erop dat we – in deze geciviliseerde maatschappij – ons jachtinstinct van waakzaamheid en wantrouwen blijven prevaleren boven een beschavingskenmerk als verdraagzaamheid, dat mensen bindt ongeacht diversiteit. Voor dat laatste is een beetje bedachtzaamheid en nuchterheid nodig en voor het eerste eigenlijk niets; slechts een reeds aanwezig dierlijk instinct. Dat het ongeremd uiten van basale emoties als zand in de raderen werkt voor maatschappelijke binding, behoeft geen uitleg meer.

Speeltuin


Verontrustend is dat deze Nederlandse volkspsyche gewelddadige extremisten ongebreidelde invloed geeft. De schaal waarop een aanslag in Nederland gepleegd wordt, staat in geen verhouding meer tot de maatschappelijke en politieke effecten ervan; in vorm, schaal en tijd. Pim Fortuyn en Theo van Gogh waren dan wel publieke figuren, maar het zijn onze ongeremde emoties geweest die er een theater van hebben gemaakt.

De kranten schrijven wat wij willen lezen, televisiestations zenden uit wat wij willen kijken. Nederland is verworden tot een speeltuin voor terroristen, hier heeft een aanslag – hoe klein ook – altijd maximaal effect. Zelfs een doodgeschoten mus zorgt voor beroering…

Identiteitscrisis

Magazine Sax, 27 december 2005
Identiteitscrisis


Terwijl in Nederland de angst door de straten giert, koers ik op het moment van schrijven richting Boedapest. Onder mij glijden witte stroken land, Vinex-wijken en autowegen. 

Door Steven de Jong

Maar nu ik mijn hoofd door het bepakte wolkendek steek, voel ik me pas echt bevrijd van het Sodom en Gomorra der lage landen.

Waar wantrouwen de samenleving doet splijten, pessimisme volksemotie nummer één is, en vrijheid geen vanzelfsprekendheid meer is. Een natie uit balans, geteisterd door terreur. Een volk in verwarring, op zoek naar identiteit. Ja, wat is het toch heerlijk om nu op vakantie te gaan...

Inderdaad, ik heb hier voor me een paar van die opinieblaadjes liggen, waarin de handelaren in angst hun koopwaar aan de man brengen. Toch heeft De Groene een interessant verhaal, hoewel de insteek treurig stemt. De verslaggever reisde af naar Siberië om bij Nederlandse inteeltmigranten zestiende eeuwse 'oer-Hollandse identiteit' op te graven. De verslaggever komt er achter dat de mensen aldaar een besef hebben dat ze 'anders' zijn, maar waarin ze verschillen van de inboorlingen blijft een raadsel. Wel wordt duidelijk dat hun voorouders vervolgd werden, mogelijk door de zwarte kousen die nu de Veluwe hebben geconfisqueerd.

Onlangs interviewde Netwerk een Nederlands-Canadese oma. "Wij hebben ons wel aangepast", vertelde ze trots, verwijzend naar ‘de moslims’ die dat blijkbaar niet doen. Dat terwijl die oma en haar familie zo ongeveer een hele nederzetting uit de grond getrokken hebben in Canada, om van hun vrijgemaakte kerken – waar ze in het Nederlands preken - nog maar niet te spreken.

De regering heeft nu zelfs een commissie benoemd die de “canon van Nederland” moet produceren: “het geheel van belangrijke personen, teksten, kunstwerken, voorwerpen, verschijnselen en processen, die samen laten zien hoe Nederland zich ontwikkeld heeft tot het land waarin we nu leven”. Deze canon moet een richtsnoer worden voor onze nationale identiteit.

Het is om droevig van te worden. Nederlanders die wanhopig op zoek zijn naar hun identiteit, terwijl ze met opgeheven vingertje  allochtonen manen tot integratie. Ik heb niets tegen een beetje geschiedenisles, maar we moeten niet de illusie hebben dat we daarmee de kloof tussen autochtonen en allochtonen kunnen dichten. Een gedeeld besef van cultuur en historie van een land, kan een tweedeling niet lijmen. Zwarte Amerikanen en zwarte Zuid-Afrikanen kunnen daarover mee praten.

Eerste prioriteit is dat we opnieuw ‘leren samenleven’. Pas als dat gelukt is kunnen we een nieuwe volksidentiteit vaststellen: een identiteit die dus ook gevormd zal worden door de één miljoen moslims in ons land.